|
|
|
LEZINGEN |
|
|
|
|
|
De
vereniging organiseert in de wintermaanden van oktober tot en met april
iedere maand met uitzondering van december een lezings/vertelavond
in het Museumkerkje van Schokland. Wij proberen ieder jaar een breed scala
van onderwerpen aan te dragen waar voor elk wat wils is te vinden. Deze
avonden zijn voor iedere belangstellende gratis te bezoeken. De aanvang is
20.00 uur |
|
|
|
|
|
De
lezingen voor het seizoen 2011-2012 |
|
|
20 oktober 2011 |
|
|
Spreker
is Dhr. Leo Voorberg |
|
|
"Waterschappen en Inpolderingen" |
|
|
De
heer Leo Voorberg heeft als waterstaatkundige gewerkt bij Rijkswaterstaat en
het voormalige Waterschap Noordoostpolder. Tevens was hij docent
Waterbouwkunde en Adviseur Waterkeringen. Thans
is hij fractielid voor de ChristenUnie/SGP in de Gemeenteraad van de Gemeente
Noordoostpolder. Een
jaar geleden op 14 oktober 2010 gaf Leo Voorberg in het Museumkerkje van
Schokland een lezing over het sluiten van de ringdijk om de Noordoostpolder
op 13 december 1940. Nu zal hij op Schokland komen vertellen over de
geschiedenis van het Waterschap Noordoostpolder en de rol van het waterschap
tijdens de inpoldering van de NOP.
|
|
|
17 november 2011 |
|
|
Spreker
is Dhr. Kees Bolle |
|
|
"Droogmakerij en Polderhistorie" |
|
|
Kees Bolle is historisch verteller. Hij woont al zo
lang in de Noordoostpolder dat hij over veel onderwerpen uit de
polderhistorie boeiende verhalen weet te vertellen. Tegenwoordig is hij
ook vrijwilliger voor museum Nieuw Land in Lelystad. Daar assisteert hij
onder andere bij het digitaliseren van historische documenten. Als je zoals hem de historie van de
Noordoostpolder gaat bestuderen kom je automatisch in de Wieringermeer
terecht en vervolgens in de Haarlemmermeer. De Haarlemmermeer is erg van
invloed geweest op de gang van zaken in de nog aan te leggen IJsselmeerpolders. De Wieringermeer heette
aanvankelijk de Noordwestpolder. Dat zet de naam
Noordoostpolder wat in perspectief. Verder komen in de lezing van Kees Bolle
de diverse aspecten van de ontginning en bewoning en opbouw van de polders
aan de orde.Kees Bolle is historisch verteller. Hij woont al zo lang in de
Noordoostpolder dat hij over veel onderwerpen uit de polderhistorie boeiende
verhalen weet te vertellen. Tegenwoordig is hij ook vrijwilliger voor museum
Nieuw Land in Lelystad. Daar assisteert hij onder andere bij het
digitaliseren van historische documenten. Als je zoals hem de historie van de
Noordoostpolder gaat bestuderen kom je automatisch in de Wieringermeer
terecht en vervolgens in de Haarlemmermeer. De Haarlemmermeer is erg van
invloed geweest op de gang van zaken in de nog aan te leggen IJsselmeerpolders. De Wieringermeer heette
aanvankelijk de Noordwestpolder. Dat zet de naam
Noordoostpolder wat in perspectief. Verder komen in de lezing van Kees Bolle
de diverse aspecten van de ontginning en bewoning en opbouw van de polders
aan de orde. |
|
|
|
|
|
19 januari 2012 |
|
|
Spreker is Dhr. René van der Ploeg |
|
|
"Roofvogel
werkgroep N.O.Polder" |
|
|
Meer dan 8 jaar geleden begon de Werkgroep Roofvogels
Noordoostpolder met het inventariseren van de roofvogelpopulatie in de
Noordoostpolder. Er zijn inmiddels 8 leden actief in deze werkgroep. Het gaat
in het werkgebied voornamelijk om soorten als de Bruine Kiekendief, de
Buizerd, de Havik, de Torenvalk en de Sperwer. Leden van de Werkgroep zorgen
er onder andere voor dat de jongen van de roofvolgelpopulatie
worden geringd. Alle nestgegevens worden in de landelijke databank van de
Stichting Ornithologisch Vogelonderzoek Nederland (SOVON) en de Werkgroep
Roofvogels Nederland (WRN) ondergebracht. Op Schokland komen ze
vertellen over hoe het is gesteld met de roofvogelpopulatie in de
Noordoostpolder en wat de verwachtingen zijn voor deze populatie in de
toekomst. |
|
|
|
|
|
16 februari 2012 Deze lezing is verzet naar 15 maart 2012 |
|
|
Spreker is Dhr.Prof.
Dr.Gerard van de Ven |
|
|
"Rivieroverstromingen" |
|
|
Professor Gerard van de Ven is hoogleraar
Waterstaatsgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Zijn specialisme
zit bij het onderwerp Rivieroverstromingen. Nederland is al eeuwen bezig om zich te
verdedigen tegen overstromingen van de zee. Nu met de Deltawerken de meeste
dreiging van de zee is ondervangen krijgt Nederland direct te maken met die
andere dreiging voor overstromingen: rivieren. De afgelopen jaren waren
er inderdaad vaker berichten over het buiten de oevers treden van onze
talloze rivieren dan over het binnendringen van de ons omringende zee. |
|
|
|
|
|
15 maart 2012 Deze lezing is verzet naar 16 februari 2012 |
|
|
Spreker is Dhr. Jan Wester |
|
|
"Land van Vollenhove" |
|
|
Jan
Wester is werkzaam bij het Cultuur Historisch Centrum in Vollenhove.
Daarnaast is hij een bekende en veelgevraagde gids in Vollenhove.
Zijn kennis over het Land van Vollenhove is uitgebreid.
Bovendien is hij een aangenaam verteller die ook de anekdotes uit het
verleden van deze vroegere Bisschopszetel niet uit de weg gaat. Daarnaast
weet hij vanalles te vertellen over de Havezates (ridderhofsteden) die Vollenhove
rijk is, zoals Plattenburg, Marxveld, Lindenhorst en Toutenburgh. |
|
|
|
|
|
19 april 2012 Jaarvergadering |
|
|
|
|
|
De lezingen voor
het seizoen 2010-2011 |
|
|
|
|
|
14 oktober 2010 |
|
|
Spreker
is Dhr. Leo Voorberg |
|
|
"70 jaar geleden laatste sluitgat in N.O.P. dijk
gesloten" |
|
|
De heer Leo Voorberg is voormalig wethouder van
de N.O.Polder maar heeft als waterstaatkundige zijn
werk gehad bij Rijkswaterstaat en het Waterschap.en
was docent Waterbouwkunde en Adviseur Waterkeringen. Hij zal ons vertellen over de dijkbouw van de N.O.Polder |
|
|
|
|
|
11november 2010 |
|
|
Spreker
is Dhr. Jan Mulder Deze lezing is gecanceled
vanwege het slechte weer. en is verplaats naar 13 januari 2011 |
|
|
"Driesterrenkwaliteit in de ruimtelijke ordening van
Noordoostpolder!! Van geldkist naar schatkist!" |
|
|
W Woont in de NOP sinds 1-9-1970 Geboren
in het Reestdal (de grens tussen Drenthe en
Overijssel) 28
jaar werkzaam geweest bij de Rijksoverheid. (Min.
Van Landbouw-Natuur en Voedselkwaliteit) 20
jaar actief in lokale politiek w.o. Raadslid – Fractievoorzitter en 8 jaar
Wethouder. Huidige
leeftijd 67 jaar. |
|
|
·
Maakt zich zorgen over: |
|
|
De
bescherming vanuit het Algemeen Publiek belang van Ruimtelijke kwaliteit (incl.
Cultuurhistorie) in de NO-polder. Als wij niet meer op de lokale politiek
kunnen rekenen, springen dan de Vrienden van Schokland in de bres? |
|
|
·
De inleiding zal o.a. gaan over: |
|
|
De
Cultuurhistorie in relatie tot de ruimtelijke kwaliteit in de NOP. Wie en
waarom moeten opkomen voor onze werelderfgoed kwaliteit, Architectuur met een
kwaliteitstoets en voldoende beschermde monumenten? Waarom
doen wij zo weinig sociaal-cultureel onderzoek in de NOP. In de periode
1942-1960 hadden we hadden we goed sociologisch onderzoek? Waarom nu niet meer.De machtigen en invloedrijken in de NOP richten hun
pijlen te veel op éénzijdige economische en
financiële belangen behartiging! |
|
|
Jan
heeft de wijsheid niet in pacht, maar wil graag zijn opvattingen met u delen
en ter discussie stellen. |
|
|
|
|
|
13 januari 2011 |
|
|
Spreker
is Dhr: Jeroen Onderwater Deze lezing is verp[aatst naar 10 maart 2011 |
|
"Abel
Tasman, Columbus van de lage landen?"
|
|
|
Jeroen Onderwater (1963) is historicus, ondernemer
en docent geschiedenis aan de OSG Winkler Prins in
Veendam. In zijn vrije tijd is hij voorzitter van het bestuur van het Abel
Tasman Kabinet in Lutjegast, het enige Abel Tasman
museum in Nederland (www.abeltasman.org).
In de zomer van 1642 vertrokken in opdracht van de VOC en onder leiding van
de in dat dorp geboren en getogen Tasman 110 mannen op twee kleine schepen
uit Batavia om het grote, mythische Zuidland te zoeken.
Het werelddeel Australië was één van de laatste stukken wereld die nog niet
vanuit Europa in kaart was gebracht. Resultaat was dat Tasman in 1642 en 1643
als eerste Europeaan grote delen van Tasmanie en Nieuw-Zeeland in kaart
bracht. Desondanks heeft hij zich geen prominente plaats in de Nederlandse
geschiedenis kunnen verwerven. Reden genoeg om leven en werken van deze
wereldberoemde zoon van het Groninger land onder de aandacht van een
breed publiek te brengen en het debat over zijn plaats in de geschiedenis
weer eens stevig op te rakelen. |
|
|
|
|
|
10 februari 2011 |
|
|
spreker
is Dhr: Paul Rademaker |
|
|
“Bischoppelijke
dijkbrief van 1308” |
|
|
Geschiedenis van het
Waterschap Salland. Die plaatsaanduiding geeft de grenzen aan van het gebied waarvoor
het waterschap in de dijkbrief van 1308 de verantwoordelijkheid kreeg: vanaf
het stroompje de Hunnepe, dat ten zuiden van
Deventer in de IJssel uitkwam en dat later de Dortherbeek
zou heten, tot voorbij Wilsum. Wat deed het water
met de Sallandse bodem, hoe veranderde de waterhuishouding door ingrijpen van
de mensen. In de Sallandse dijkbrief van 1308 is de waterscheiding aangeduid
met 'die scheydinghe van den lande' om dijk en
belanghebbend gebied in tweeën te kunnen splitsen. Omdat volgens de brief ook
'heemraden', kenners van het eigen gebied, de bisschop adviseerden ging het
niet in de eerste plaats om een kerspelgrens. In 1308 was de waterscheiding,
zoals nog zal blijken, nog niet doorsneden met weteringen richting Zwolle. |
|
|
|
|
|
10 maart 2011 |
|
|
Spreker
is Dhr: Kees Bolle Deze lezing vervalt dit jaar. |
|
|
“2000 jaar Droogmakerij en polderhistorie” |
|
|
Kees Bolle noemt zich
tegenwoordig Historisch verteller en heeft zich verdiept in de historie van v.n.l. De Noordoostpolder. Hij is ook vrijwilliger bij
het Nieuwland Erfgoed in Lelystad, waar hij studie
heeft gedaan naar de boerderijenbouw in de NOP. Maar hoe meer je leest hoe
omvangrijker je interesse word en zo heeft hij zich veel meer toegelegd op de
totale NOP historie. En natuurlijk kom je dan veel meer tegen en zodoende is
hij teruggegaan naar het begin van onze watergeschiedenis ruwweg zón 2000 geleden. Toen zijn we op terpen gaan wonen. Hij
zal in vogelvlucht de eerste 1000 jaar verdedigen en de tweede 1000 jaar
verdedigen en land aanwinnen vertellen en zodoende voert hij u mee naar de
huidige Zuiderzeewerken. Waarvan dan v.n.l. de NOP
zal worden behandelt. |
|
|
|
|
|
14 april 2011 JAARVERGADERING |
|
|
Na
het oficieele gedeelte zal spreken Mevr: Jannie Bakker-Rietman |
|
|
"Dialecten in de kop van Overijssel" |
|
|
Jannie Bakker-Rietman
(1953) in Genemuiden geboren en opgegroeid. Het
dialect van Genemuiden is dan ook haar moedertaal.
Na haar studie Nederlands aan de universiteit in Groningen keerde ze naar haar
geboorteplaats terug en daar woont ze nog steeds. Tijdens haar studie raakte Jannie geïnteresseerd in streektalen. Organisatorisch
raakte zij door de jaren heen dan ook betrokken bij tal van
streektaalactiviteiten en –organisaties als de Gællemuniger
Taelkrink (waar zij mede-oprichtster
van is), de SkrieverBond Overiessel
en de IJsselacademie. Ook werkte zij mee aan het
Handboek Nedersaksische Taal- en Letterkunde en aan het Woordenboek van de
Overijsselse Dialecten. Zelf schrijft Jannie zowel
proza (verhalen, columns) als poëzie in het dialect van Genemuiden.
Van haar hand verscheen in 1995 de gedichtenbundel ‘Meer geliek
as eigen’.Verhalen van haar hand zijn in diverse verzamelbundels opgenomen en
haar columns verschenen jarenlang in het regionale dagblad De Stentor. |
|
|
De lezingen voor het seizoen 2009/2010 |
|
|
15 oktober 2009 |
|
|
Spreker
is de heer:Gerard Corjanus en
Theo Grootjen. "ONTRUIMING VAN SCHOKLAND" De Heer Corjanus
en Theo Grootjen zijn beiden resp. bestuurslid en voorzitter
van de Schokkervereniging. In deze vereniging is veel onderzoek gedaan en
kennis vergaard over de Schokker geschiedenis. In de zomer van 2009 wordt er
een drama herdacht dat uniek is in de Nederlandse geschiedenis. Precies 150
jaar geleden, in juni 1859, verliet de complete bevolking van Schokland het
eiland. Nadat een jaar eerder een wetsvoorstel ter ontruiming van Schokland
door het parlement was goedgekeurd, moesten de Schokkers – ruim 600
gezinshoofden met hun familie – nu elders een nieuw bestaan gaan opbouwen.
Hoewel het eiland niet aan de golven van de Zuiderzee werd prijsgegeven,
betekende 1859 wel het einde van de bewoningsgeschiedenis van Schokland, die
teruggaat tot in de Middeleeuwen. Deze geschiedenis, door Bruno Klappe en Wim Veer beschreven in hun nieuwe boek
"SCHOKLAND VERLATEN", een recronstructie
over de ontruiming van 1859, Dit boek zal als leidraad dienen voor hun beider
verhaal.De heer Corjanis
is een boeiend en humoristisch verteller en zijn bijdrage zal voornamelijk
gaan over de laatste 50 jaar van de bewoning op schokland. De heer Grootjen zijn verhaal zal meer een uitleg zijn van de officieele stukken en gebeurtenissen. Dit belooft een
boeiende avond te worden dus komt allen |
|
|
|
|
|
|
|
|
19 november 2009 |
|
|
Spreker
is de heer:G. Zwanenburg. "BERGING
VLIEGTUIGWRAKKEN IN FLEVOLAND" Gerrit J. Zwanenburg
(Harlingen 1928) nam na bevrijding als oorlogsvrijwilliger dienst bij het
Korps Mariniers. Aanvankelijk om Indië te
bevrijden, maar diende uiteindelijk in 1946-’47, als radioman bij de
Mariniers Brigade op Oost-Java. In deze periode
werd hij opgeleid tot radio-telegrafist. In
februari 1948 keerde hij terug naar Nederland en voltooide in 1949 met succes
een opleiding voor het rijkscertificaat voor radio-telegrafist
aan de Zeevaartschool in Groningen. In 1950 startte hij een 17 jarige
carrière als telegrafist bij de Marine Inlichtingendienst. In 1962 kwam
Zwanenburg door een berging in Amsterdam in contact met de Koninklijke
Luchtmacht, omdat zijn kennis van veel waarde bleek bij het bergen en indentificeren van neergestorte vliegtuigen uit de 2de
wereldoorlog, bleef hij er in zijn vrije tijd bij betrokken totdat hij in
1967 over kon stappen van de Marid naar de KLu waar
hij als Bergingsofficier de leiding kreeg van het bergen van vliegtuigen,
zowel die uit de oorlogsperiode, als eigen vliegtuigen, straaljagers, die
tussen 1967 en 1987 verloren gingen. Na de dienstperiode legde Zwanenburg
zich weer toe op de luchtvaarthistorie W02 en heeft toen de kroniek "En
nooit was het stil" samengesteld, die is uitgegeven door de Kon.
Luchtmacht. Tot op heden is hij nog steeds werkzaam in de historie, nu met
luchtvaarthistorisch onderzoek ten behoeve van uit te voeren werkzaamheden
voor Rijkswaterstaat, ProRail, Provincies en ook
gemeenten Baarn. 12 augustus 2009 PS. De lezing is op 19 november 2009 en het
zal op 25 november precies 63 jaar geleden dat ik in Indie
bij een aanval op kampong Sawahan door het oog van
de naald ben gekropen! We waren met 16 man op een hoek toen daar vier
mortiergranaten tussen ons neerkwamen! Een dode, enkele zwaargewonden
(waarvan een de volgende dag nog overleed) enkele lichtgewonden en vier
zonder een schrammetje! Ik was een van die vier. Ik denk toch een beetje
historisch aangelegd te zijn, want ik heb ook een boekje geschreven over mijn
tijd bij de Marbrig op Oost Java. |
|
|
|
|
|
|
|
|
21 januari 2010 |
|
|
Spreker
is mevr:Lenie Bolle.
"URK IN
OORLOGSTIJD" Na
haar afstuderen sociale historie is Lenie Bolle als wetenschappelijk medewerkster
bij het “Nieuwland Erfgoed”in Lelystad gaan werken.
Maar tijdens haar studie was zij een van de drijvende krachten van de
stichting “Urk in oorlogstijd” Voor deze stichting heeft zij de gehele
website van tekst voorzien een boek geschreven en een lespakket samengesteld.
Haar afstudeerwerk was een studie over de “Kinderen van NSB ers.” Een verguisde en vergeten groep in onze
samenleving. De lezing zal dus gaan over de wetenswaardigheden en feiten die
door haar dosieronderzoek aan het licht zijn gekomen.
|
|
|
|
|
|
18 februari 2009 |
|
|
Spreker
is de heer:J. Weststrate. "DE
ZUIDERZEESTEDEN IN DE LATE MIDDELEEUWEN" De Zuiderzeesteden in de late
middeleeuwen. Het ontstaan van een regionale stedengroep binnen de Hanze.
Veel mensen denken bij de Hanze aan een machtig en hecht verbond van Duitse
en Oost-Nederlandse handelssteden die in de middeleeuwen de handel op de
Oostzee en Noordzee domineerden. Het historisch onderzoek van de laatste
jaren heeft echter laten zien dat er veel valt af te dingen op die hechtheid.
De verschillende leden van de Hanze waren het vaak grondig oneens over zaken
als handelspolitiek, belastingen, de aanpak van concurrenten van buiten de
Hanze, of over de relaties met de politieke machthebbers rond de Oost- en
Noordzee. De uiteenlopende opvattingen kwamen concreet tot uiting in de
vorming van regionale subgroepen in de Hanze, die alle opkwamen voor hun
eigen specifieke regionale belangen. Een van deze hanzeatische
regionale stedengroepen was die van de Zuiderzeesteden. Niet alleen steden
als Kampen, Deventer, Zutphen en Zwolle, maar ook plaatsen in Holland en
Zeeland werden aanvankelijk tot deze groep gerekend. In de lezing zal worden
ingegaan op de manier waarop deze Zuiderzee-stedengroep
in de veertiende eeuw is ontstaan en hoe vervolgens de samenstelling ervan
wijzigde als gevolg van politieke, militaire en economische ontwikkelingen.
Waarom bleven sommige Zuiderzeesteden binnen het verband van de Hanze
optreden en kozen andere steden voor een eigen weg? in Scandinavie. |
|
|
|
|
|
18 maart 2010 |
|
|
Spreker
is mevr:Alice Overmeer. "ONDERWATER ARCHEOLOGIE" Alice Overmeer
studeerde Pre-and Protohistorie van
Noordwest-Europa aan de Universiteit van Leiden. Na haar studie werkte ze
ruim 5 jaar als onderwaterarcheoloog in het
archeologisch duikteam van RACM Lelystad, inmiddels de Rijksdienst voor het
Cultureel Erfgoed geheten. In 2005 begon ze met een promotieonderzoek naar laat-middeleeuwse scheepsbouwontwikkelingen in
Noordwest-Europa (Universiteit Groningen / Nieuw Land Erfgoedcentrum). Over
de lezing: De lezing zal gaan over onderwaterarcheologie in Nederland.
Onderwaterarcheologie is een relatief jonge tak van de archeologie in
Nederland. Het is een moeilijk vakgebied, enerzijds vanwege het troebele
water en harde stromingen, anderzijds vanwege de Nederlandse wetgeving en
bezuinigingen op dit gebied. Ik zal iets vertellen over het ontstaan en de
geschiedenis van de Nederlandse nderwaterarcheologie.
Ook de specifieke methoden en technieken die onder water gebruikt worden om
onderzoek en opgravingen te doen komen aan bod. Daarnaast wordt kort aandacht
besteed aan de conservering en restauratie van voorwerpen die opgedoken
worden. Ten slotte zullen enkele scheepswrakken die in Nederlands water
liggen en onderzocht zijn, aan de hand van wat foto’s en tekeningen,
besproken worden. . |
|
|
|
|
|
19 april 2009 Jaarvergadering |
|
|
Spreker
is mevr./de heer: |
|
|
|
|
|
|
|
|
De
lezingen voor het seizoen 2008/2009 |
|
|
16 oktober 2008 |
|
|
Spreker is de heer:H.
Scheerboom. "ZWEFKEIEN
EN HUN VERHAAL" 36 jaar geleden zat de heer Scheerboom met zijn vrouw in het oude
gebouw op Schokland aan de lestafel van de heer Hellinga.
Daar hebben ze ook de fam. Baken leren kennen, die
van de heer Hellinga de opdracht kreeg om in
Zweden, Finland en Noorwegen gesteenten monsters van het herkomstgebied
middels geologische kaarten te gaan opzoeken. Ze hebben daar erg veel van
geleerd. Na het overlijden van de heer Hellinga
heeft de heer Scheerboom zijn les geven overgenomen met de gesteenten
monsters uit de collectie, die inmiddels verzameld zijn en op Schokland op de
gesteentezolder liggen. Op de universiteit in Utrecht heeft hij 30 jaar onder
leiding van de heer Kees Maijer, petroloog, les gekregen in het bekijken van mineralen, in
slijpplaatjes van gesteenten monsters. Ook voor de heer Hellinga
gaf hij soms uitsluitsel of de determinatie van zwerfstenen juist was. De
laatste jaren is de heer Scheerboom en zijn vrouw zelf naar Zweden en
Noorwegen geweest om de locaties te bekijken, waar de gesteenten monsters
vandaan komen. Bij het opzoeken van de stenen monsters, werd hun aandacht ook
getrokken door rotstekeningen, planten, kerken, en oude meteoriet inslagen
van o.a. 89 milj. jaar geleden. Van al deze
bezigheden hebben zij dia's gemaakt en zal de heer Scheerboom ons meenemen op
zijn "ontdekkingsreizen" in Scandinavie. |
|
|
|
|
|
20 november 2008 |
|
|
Spreker is mevr:Marijke Traast-Bos. "VISSERIJVERLEDEN
VOLLENHOVE" |
|
|
De aankoop in 2006 van de VN66 door de stichting ’t Venose Skutien bracht een botter
in de haven die hier vele jaren geleden als vissersboot ankerde. Als symbool
van vervlogen tijden is het een aanwinst. Bij het zien van een dergelijk
schuitje rijst meteen de vraag: Hoe werd er aan boord geleefd en wat kwam er
allemaal bij kijken om het beroep van visser uit te oefenen.
Wat had dit voor consequenties voor de achterblijvers? Marijke Traast zal proberen, in deze lezing, deze vragen te
onderzoeken vanuit het perspectief van de Vollenhover
visserij. Een boekje over dit onderwerp is in mei van dit jaar verschenen in
de reeks kunst en cultuur van Steenwijkerland en
uitgegeven door de IJsselacademie. Tot ziens in
november in het kerkje te Schokland. |
|
|
|
|
|
15 januari 2009 |
|
|
Spreker is de heer:Paul
van Olm. "Geologie van Nederland" Met wat nadruk op Schokland en
omgeving. |
|
|
Op deze avond staat de geologie centraal. De
geologische processen die leiden tot klimaatsveranderingen en het optreden
van warme en koude tijden worden uitgelegd. De gevolgen van die afwisseling
hebben grote gevolgen gehad voor het ontstaan van het Nederlandse landschap
zoals we dat nu kennen. Dat geldt ook voor Urk en Schokland. Dat waren tot
1942 eilanden in de Zuiderzee. Ze hebben hun ontstaan te danken aan de
keileem die er in de voorlaatste ijstijd, het Saalien,
werd afgezet. Het Scandinavische landijs bereikte toen zijn grootste omvang
en schoof ook over Noord- en Midden-Nederland. De gletsjers voerden grote
hoeveelheden keien en leem mee als morene materiaal. De uiterst stugge
keileem is waterondoorlatend en zeer resistent tegen erosie.
Keileemvoorkomens bleven vaak als verhogingen behouden ondanks de erosieve krachten die er later op in werkten. Na de Saale-ijstijd volgde een warme tijd, het Eemien, en de zee kwam terug en de glaciale afzettingen
werden aan mariene erosie blootgesteld. In de daaropvolgende tijd, de laatste
koude tijd, het Weichselien, breidde het landijs
zich weer uit en daalde de zeespiegel sterk. Het ijsfront bereikte Nederland
echter niet. Wel heerste er een poolklimaat. We stellen ons het landschap
voor als een pooltoendra met een eeuwig-bevroren
bodem (permafrost).De Poolwinden hadden vrij spel. Eolische erosie en
uitblazing van zanden en fijner materiaal kwam op grote schaal voor. Het klimaat verbeterde vanaf 10.000 jaar geleden en de
huidige warme tijd, het Holoceen, brak aan. De zeespiegel steeg weer, maar de
zee bereikte Flevoland pas aan het eind van het Holoceen. De Overijsselse
Vecht was een belangrijke afwateringsrivier die in Bergen aan Zee in de
Noordzee uitmondde. Deze rivier, ontstaan in het oerstroomdal vóór het
landijsfront, stroomde langs Schokland. Op de oeverwallen en rivierduinen van
vroegere rivierarmen van de Overijsselse Vecht vinden we in de Noordoost
Polder en in Oostelijk Flevoland de sporen van de eerste menselijke bewoning.
De oudste bewoners waren jagers en vissers van de Swifterbant-cultuur
uit 4000 voor Christus. Het loofbos verdronk vanaf 2300 voor Chr. en de mens
verdween. De omstandigheden werden ideaal voor veengroei
en zowel Schokland als Urk ontwikkelde zich tot grote veengebieden. Pas rond
het jaar 1000 n Chr. keerde de mens in het hoogveengebied terug. Maar tussen
1200 en 1600 drong de zee steeds heftiger het gebied binnen en ontstond het Flevomeer dat later uitgroeide tot de Zuiderzee. De grote
veeneilanden werden steeds verder door de zee
geërodeerd en werden steeds kleiner. In de 19e eeuw moest de mens
de strijd op Schokland opgeven en werd wat er van het eiland over was op last
van koning Willem II in 1859 ontruimd. Urk met een hogere keileem kern bleef
wel als vissersdorp behouden. |
|
|
|
|
|
19 februari 2009 |
|
|
Spreker is de heer:Remco van Diepen "De
Noordoostpolder en de Nederlandse voedselvoorziening tijdens de Tweede
Wereldoorlog" In augustus 1941, middenin de Tweede
Wereldoorlog, vielen de eerste delen droog van de Noordoostpolder. In de
jaren daarna trokken tienduizenden mannen naar de polder om het nieuwe land
te ontginnen en rijp te maken voor de teelt van onder andere tarwe, rogge,
koolzaad en aardappelen. Vanaf begin 1943 hoorden vele polderwerkers tot de
categorie van de ‘preventieve onderduikers’. Deze arbeiders waren naar de
Noordoostpolder getrokken om te voorkomen dat zij in het kader van de Arbeitseinsatz naar Duitsland zouden worden
gestuurd. Aan het einde van de oorlog was 18.000 hectare poldergrond
ontgonnen. Dat de Noordoostpolder kon worden aangelegd en (deels) ontgonnen
is mede te danken aan de steun die de Duitse bezetter gaf aan de voorzetting
van dit project. Die steun is opmerkelijk, aangezien aanleg en ontginning van
de polder een kostbare zaak was en bovendien de inzet vergde van veel
mankracht, materiaal en materieel. Het enthousiasme van sommige Duitse
instanties voor het project was zelfs zo groot, dat zij de aanwezigheid van
de preventieve onderduikers (inclusief een kleine groep joden) maandenlang
door de vingers zagen. Steunden de Duitsers de ontginning van de
Noordoostpolder omdat zij het voedsel dat daar werd verbouwd voor hun eigen
bevolking wilden gebruiken? Of kwamen de rogge, de tarwe, de aardappelen en
de koolzaad die in de Noordoostpolder werd verbouwd ten goede aan de
Nederlandse voedselvoorziening, zoals ir. Cornelis Lely,
de vader van het Zuiderzeeproject, het had bedoeld? |
|
|
|
|
|
|
|
|
19 maart 2009 |
|
|
Spreker is de heer:Tjeerd
de Jong |
|
|
"Hannekemaaiers en
kiepkerels" Welvaart
en werkgelegenheid. Tegen het einde van de 16` eeuw gingen de handel en industrie in Nederland met sprongen vooruit. Vooral na
de ontdekking van de zeeweg naar Oost-Indië
beleefde Nederland gouden tijden. De opbloei van het economische leven had,
voornamelijk in de steden, een overmaat aan werkgelegenheid tot gevolg.
Aangezien daar onvoldoende arbeidskrachten
voorhanden waren, moest de bevolking van het platteland wel te hulp komen.
En omdat er met dat werk in de steden goed geld was te verdienen, kozen velen
op de duur de stad als vaste woonplaats. Het gevolg was, dat er op het platteland een tekort aan werkvolk
ontstond. Men moest dus aan andere hulp zien te komen. Het drong daarom al
spoedig tot onze oosterburen door dat er in "das steinreiche
Holland" geld te verdienen was. Dat kwam goed van pas, want bij hen heerste veel armoe als gevolg van oorlogen, verwoestingen
en overbevolking. |
|
|
Geleidelijk kwam er dan ook van het platteland van Westfalen een trek naar ons land op gang. Vooral
nadat in 1648 door de Vrede van Munster voor Nederland een einde was gekomen
aan de 80-jarige oorlog en voor Westfalen aan de
dertigjarige oorlog. De trekarbeid naar Holland was financieel erg interessant, want men verdiende daar in korte tijd
aanzienlijk meer dan in het eigen land. De trek van de Hannekmaaiers
bleef tot ongeveer het begin van de eerste wereldoorlog voortbestaan. De
komst van kunstmest en de opbloeiende industrie, ondermeer van de scheepsbouw
bij Papenburg maakte dat de Duitsers ook dichterbij huis een inkomen konden
verwerven. Tjeerd de Jong afkomstig uit Noord-Friesland heeft een studie gemaakt over de
“Trekwerkers”. en natuurlijk hebben zoveel mensen, soms wel 30.000 per jaar,
over een zolange periode, hun sporen nagelaten in
de Nederlandse geschiedenis. Hij zal ons meenemen langs het pad van de Hannekemaaiers en hun wederwaardigheden. |
|
|
|
|
|
|
|
|
19 april 2009
Jaarvergadering |
|
|
Spreker is de heer:Hans
Hollestelle "Laatste
dernkeling van Schokland"
Neergestorte piloot in WoII. |
|
|
De
laatste drenkeling van Schokland De laatste dode die op het eiland Schokland
aanspoelde was geen visser maar was een piloot. Op 20 augustus 1940 werd in
het water bij Schokland het lichaam aangetroffen van een piloot van de Royal
Air Force. Het bleek te gaan om de Canadese piloot
William Frank Tudhope. De ringdijk van de
Noordoostpolder was reeds gesloten, maar in de diepere gedeelten ten westen
van de lijn Lemmer-Emmeloord-Ens stond alles nog
onder water. In 1952 meldde de vader van W.F. Tudhope
zich bij de politie in Kampen om het graf van zijn zoon Bill te bezoeken.
Politie inspecteur Mannus Koers heeft J.H. Tudhope zowel het graf laten zien als het voormalige
eiland Schokland, waar Bill's lichaam ooit aanspoelde.Het vliegtuig waarin Tuhope
vloog, een tweemotorige Handley Page Hampden I, is nooit teruggevonden. Er is bekend dat er
nog drie bemanningsleden moeten zijn geweest. De resten zullen nog ergens in
het IJsselmeer liggen. Tudhope was in juli
1940 onderscheiden met de Distinguished Flying Cross (DFC) vanwege een zeer moedig uitgevoerde
aanval op de haveninstallaties van Wilhelmshaven
bij Hamburg. In de late avond van zondag 10 augustus vertrok Tudhope vanaf vliegveld Hemswell
in Lincolnshire, Engeland voor een bombardementsvlucht
naar Homberg, vlak onder het Ruhrgebied in Duitsland. Hij is hiervan
nooit teruggekeerd. Waarschijnlijk is hij onderweg door een Duitse nachtjager
onderschept en boven Schokland neergeschoten. William
Frank Tudhope werd op 27 augustus 1940 onder grote
publiek belangstelling en in aanwezigheid van burgemeester Oldenhof van Kampen met Duitse militaire eer
begraven op de algemene begraafplaats van Kampen in IJsselmuiden |
|
|
|
|
|
De
lezingen voor het seizoen 2007/2008 |
|
|
18 oktober
2007 |
|
|
Spreker is de heer Frits Laarman ”Opgravingen
op Spitsbergen” In de eerste helft van de 17e eeuw werd er in de
wateren rond Spitsbergen op walvissen en met name de Groenlandse
walvis gejaagd. De gevangen walvissen werden o.a. op de kust van Amsterdam-eiland verwerkt tot traan. Het plaatsje dat
daar ontstond werd Smeerenburg genoemd. In het
begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw werden door het Arctisch
Centrum van de Rijksuniversiteit Groningen een drietal expedities ondernomen
om de resten van Smeerenburg en de Nederlandse
walvisvaarders te onderzoeken. Frits Laarman nam deel aan de laatste
expeditie en zal aan de hand van dia’s iets vertellen over de walvisvaart
rond Spitsbergen en de opgraving van Smeerenburg en
daarnaast enige impressies van natuur en omgeving van de site.
|
|
|
15 november
2007
|
|
|
Spreker is de heer: Willem van Norel "Elburg
en zijn visserijverleden" Willem van Norel
heeft vanaf 1980 diepgravend onderzoek verricht naar het visserijverleden van
Elburg. Daartoe interviewde hij ongeveer 60 oud-vissers
en mensen die werkzaam zijn geweest in de nevenbedrijven zoals de
scheepswerf, de touwslagerij en de mandenmakerijen. Voor zijn onderzoek
raadpleegde Van Norel vele archieven. Dit alles
resulteerde in drie boeken: ’t Is Blak (1983), Vissers van Elburg (1985) en Historie van de Elburger
vissersvloot (1999). Verder publiceerde de Elburger
historicus talloze artikelen in diverse tijdschriften. Tijdens de lezing zal
de film Terugkeer naar Schokland worden vertoond. In deze documentaire
vertelt de Elburger visserman Jan Jansen
(1909-2002) over zijn ervaringen op het voormalige eiland Schokland.
Daarnaast vertoont Van Norel een aantal prachtige
dia’s. Het belooft een boeiende avond te worden. U bent van harte
genodigd! |
|
|
17 januari 2008 "Een wandeling
door de geschiedenis van Urk" DIASERIE URK door Jaap
Bakker. Een boeiend verhaal over Urk.
Een voormalig eiland in de Zuiderzee, dat grote veranderingen meemaakte toen
het omarmd werd door dijken. Op 3-10-1939 werd Urk eiland af. De visserij, zo
was men van mening, bood geen toekomst meer en Urk zou een slapend dorpje
worden aan dood water met ongeveer 3000 inwoners. Wie visserman wilde blijven
moest maar verhuizen naar de Noordzeekust en wie op Urk bleef wonen moest
zich omscholen voor werk in de agrarische sector op het Nieuwe Land, de
Noordoostpolder. Urk legde zich niet neer bij de plannen en bleef zee kiezen.
Nu op het IJsselmeer de mogelijkheden beperkt werden, gaf men uitbreiding aan
de Noordzeevisserij en zo ontstond, tegen de
verwachtingen van planologen in, "Het Wonder van Urk". Nu een
plaats met 17400 inwoners, met de modernste vissersvloot en grootste afslag
voor platvis van Europa. Een welvarend dorp dat waakzaam blijft om blijvend
brood uit het water te kunnen halen. De diaserie toont de verandering op het
vroegere eiland tot heden. De afsluiting van de Zuiderzee, de tradities en
gewoonten, de klederdracht, de huisjes, met prachtige nostalgische beelden
hoe de mensen woonden, de wasdag, de visserij activiteiten, het Urker
dorpsleven en vele andere facetten.Jaap Bakker
doorspekt zijn verhaal met vele humoristische anekdotes. Voor zijn cultureel
werk in Flevoland werd aan Jaap Bakker de Lelyprijs
van het Prins Bernhard Cultuurfonds toegekend. Hij schreef o.a. het boekje
"Humor schept evenwicht". een boekje met vele anekdotes over de Urkers, dat bij de lezingen voor 10,95 euro te koop is.
We gaan zien hoe zich de visserij ontwikkelde van botter tot moderne kotter,
van armoede naar rijkdom, maar ook dat de vis duur betaald wordt. Het
vissersmonument en de daarmee verbonden tragiek. De koorzang en de
geloofsbeleving van een volk dat met de zee verbonden is. Kortom u maakt een
wandeling door de geschiedenis van Urk. Een verhaal waaraan u plezier kunt
beleven en lang in de herinnering zal blijven. U mag het niet missen! |
|
|
|
|
|
21 februari 2008
|
|
|
Spreker is de heer: Henk Pruntel Titel lezing:"Gij zijt geroepen
het nieuwe land te bevolken met heiligen" De beginjaren van het Katholisisme in
de Noordoostpolder 1941-1965 Op 9 december 1942 viel de
Noordoostpolder officieel droog. De lezing gaat over de komst van de eerste
katholieken naar de Noordoostpolder en hun pogingen om in deze polder een
eigen katholieke maatschappij op te bouwen. Een mijlpaal was ongetwijfeld de bouw
van een ‘polderkathedraal’ in Emmeloord, de Heilige Michaëlkerk,
die op 23 oktober 1956 door de bisschop van Groningen, monseigneur Nierman,
werd ingewijd. De Noordoostpolder zou een agrarische bestemming krijgen. De
kolonisatie van deze polder vond hoofdzakelijk plaats in de periode
1947-1958, toen de overheid hier de agrarische bedrijven uitgaf. De uitgifte
vond dus plaats in een tijd waarin de Nederlandse samenleving zeer verzuild
was. Zo werd de Noordoostpolder in katholieke kringen vooral gezien als een
gebied waar de katholieken door de komst van katholieke boeren en
landarbeiders hun eigen plek moesten verkrijgen. Dit streven werd gesteund
door de regering, want deze had verklaard er naar te zullen streven dat de
bevolking van de Noordoostpolder een afspiegeling zou worden van de
Nederlandse samenleving. Toch was de opbouw van een eigen katholieke
samenleving in de Noordoostpolder een moeizame aangelegenheid. Was in 1947
het katholieke aandeel in de Nederlandse bevolking 38,5%, in 1957 bedroeg dit
aandeel in de Noordoostpolder slechts 28%. In de lezing zal nader worden
ingegaan op de mogelijke oorzaken van het geringe aandeel van de katholieken
in de Noordoostpolder. |
|
|
|
|
|
13 maart 2008 |
|
|
Filmavond ”Diverse oude filmbeelden” |
|
|
19 april 2008 |
|
|
Jaarvergadering. - Frouk-Alice Weijs (Sint-Jansklooster, schrijft/ leest voor komische stukjes , m.n.
over haar gezin): in haar eigen dialect. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|